Actie Bert

Nachtdienst Actie Bert. Vernoemd naar een ontzettend geliefde overleden collega die veel in burger werkte. Ik schreef minstens twee eerdere blogs over werken in burger en of actie Bert (Klik hier en/of klik hier om die te lezen)

De Wallen en de uitgaanspleinen hebben enorme aantrekkingskracht op al het schorriemorrie wat je je maar bedenken kan. Amsterdam werkt als een magneet op toeristen. Het schorriemorrie vist naar ‘klanten’ op onder andere de Wallen. En dat zijn dan toch wel heel vaak de toeristen. Die komen naar Amsterdam omdat het natuurlijk een prachtige stad is. EN alles hier kan. Denken ze. Je kan je helemaal laveloos zuipen en dan op straat in slaap vallen in je eigen kots.
Op het trapje tegenover het raam van de prostituee waar je maat net naar binnen is gegaan voor het hoogtepunt van zijn avond. Gezien het tijdstip en de hoeveelheid drank vermoed ik dat er een essentieel lichaamsdeel is wat niet meer werkt.. Maar goed, none of my business!

Je kan je neus volstoppen met van alles wat ook maar een beetje op cocaïne lijkt. Van suiker tot gestampte paracetamol. Wild nights! Een ding scheelt: Je neusbotje blijft in tact. Overigens zit er met regelmaat wel echt veel troep in de nep-drugs. Dus geheel onschadelijk is het niet. Als je niet wil snuiven kan je slikken. Een vitaminepilletje doet goed na een avondje zuipen. Oh je wist niet dat je net 20 euro hebt betaald voor vitamine C in plaats van XTC? Well.. You did.
Je wist vermoedelijk ook niet dat vele van die dealers met regelmaat niet zo vriendelijk meer zijn op het moment dat ze je drugs aanbieden en je “No thank you” zegt... Dan ineens MOET je toch écht dat envelopje met suiker kopen. Je wilde echt niet? Ook niet na een paar fikse mondelinge bedreigingen? Oke. Nou dan trekt de dealer zijn mes. Zo. En nu ‘koop ‘je een grammetje gestampte paracetamol voor 200 euro. 
Het duurste hoofdpijnpoedertje wat je ooit hebt gekocht. En je wilde niet eens.
Maar een mes in je lijf is toch net minder aantrekkelijk dan het rib uit je lijf wat je toch maar betaald hebt voor het envelopje met nepdope. Onder afdreiging met een mes. Als je niet genoeg geld hebt dan word je onder dwang naar de pinautomaat gebracht. Of moet je je telefoon inleveren. Alles kan in Amsterdam. 

Oke. Het sarcasme druipt van bovenstaande alinea af. Dat was om het levendig te maken. Maar, er is eigenlijk geen woord aan gelogen. De dealers hebben echte drugs en neppe drugs.. “Nepdope” zoals wij het noemen is strafbaar in artikel 2.7 lid 2 van de Algemene Plaatselijke Verordening van Amsterdam:

Deze kleine lieve boef (Jax) vingen we niet! Maar ik mocht even met Spiderman op de foto!

Deze kleine lieve boef (Jax) vingen we niet! Maar ik mocht even met Spiderman op de foto!

Het is verboden zich op of aan de weg op te houden als aannemelijk is dat dit gebeurt om middelen als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar, dan wel slaapmiddelen, kalmeringsmiddelen of stimulerende middelen of daarop gelijkende waar, te kopen of te koop aan te bieden.

Actie Bert is er om met een groep collega’s in burger (undercover) de overlast van onder andere de drugsdealers, zakkenrollers, straatrovers en al het andere schorriemorrie van straat te trekken. Iedere boef krijgt afgezien van de afhandeling van de zaak waar ze voor zijn aangehouden ook nog een 24 uurs verbod mee. Dat is bestuursrecht, en middels bestuursrecht kunnen we notoire overlastplegers en criminelen uit ons gebied weren. Het begint met een 24 uurs verbod, maar het loopt al redelijk snel op naar bijvoorbeeld 6 maanden. Nou is het ons gebied een goudmijntje voor de dealers, maar ook heel aantrekkelijk voor zwervers, verslaafden (de dealers verkopen aan de verslaafden ook gewoon echte drugs) en de zakkenrollers met al hun uitgenaste trucjes. Het is er druk, het loopt vol met makkelijke slachtoffers.. Want wat is er nou makkelijker te rollen dan iemand die zo naar de klote is dat hij het niet eens doorheeft dat je met een flinke ruk zijn horloge van zijn pols trekt?  Of zijn portemonnee of telefoon uit zijn zak haalt terwijl je hem een “Welcome in Amsterdam” knuffel geeft. Welkom in Amsterdam ja, waar je soms met volle zak heen gaat, en leeg terug. (Oh the irony of this redlightdistrict joke) Of: Welkom in Amsterdam, mag ik je een leuk voetbal trucje laten zien? Nee? Ik doe het toch en ondertussen roof ik je zakken leeg.. Zaterdag reed ik met mijn maatje Sander op de bus. Direct toen we buiten waren na de briefing hadden er al collega’s een aanhouding. Een enthousiaste highfive volgde. Ze waren de eerste met een aanhouding van deze avond en dat is toch altijd een beetje extra leuk.

Een paar ritjes later zaten er collega’s achter een bekende dealer aan. Ze noemden zijn naam. Hij moest worden aangehouden maar was even uit het zicht verdwenen in de mensenmassa. Sander en ik lachen hardop toen we zijn naam hoorden. We wisten meteen naar wie we uit moeten kijken. Lang krullend haar tot over zijn schouders aan de achterkant en kort aan de voorkant. Hij valt op. We zien hem lopen en ik spring uit de bus. Ik hoooop dat ie het niet op een rennen zet, want uit een eerdere mislukte poging tot achtervolgen weet ik dat hij flink snel is. Ik pak zijn handen direct vast, in de hoop dat er geen drugs gedumpt wordt in het water waar we vlakbij staan. ”Ik ga niet rennen!” “Je weet het nooit met jou!” roep ik lachend. Hij moet ook lachen.. Hij weet dat ik gelijk heb. Je kan niet altijd 6 gooien maar na mijn vorige fiasco met hem was ik toch blij dat ik niet weer moest roepen over de porto “Eehh… Ik ben hem kwijt” Deuk in je ego kan ik je vertellen. Gelukkig zijn er veel collega’s wel razendsnel, maar ik ren echt voor geen meter met alle spullen die we meezeulen. 

Als we in de bus zitten hebben we een slap ouwehoer gesprek met hem. Een vriendin van mij uit New York kijkt een dienstje mee en vraagt zich af hoe het mogelijk is dat we zo gezellig zitten te kletsen. Hij geeft zelfs in het Engels nog wat uitleg aan haar over zijn ‘werk’ Hij noemt het een soort spelletje. Op het moment dat ik tegen hem zeg “Het wordt tijd voor een nieuw kapsel man, je valt op met je lange vettige haar” krijg ik als gevat antwoord: “Niet alleen voor jou val ik op. Ook voor de klanten!” Oke. Schaakmat. Onze dealer weet precies hoe alles werkt op het bureau en maakt met Sander zelfs een grap over onze koffieautomaat. Ik herken dit van mijn tijd op het cellencomplex en ik vind het ondanks dat het stom is dat men again and again weer met ons in aanraking komt, toch met regelmaat erg leuk. Op cellencomplex waren zo vaak ‘vaste klanten’ dat ik alles van ze wist. Er was een dakloze verslaafde man waar ik altijd mee grapte over een vissenkom met goudvis op zijn cel. Ooit in een saaie dienst zag ik op de transportlijst dat hij er weer aan kwam en printte ik een plaatje van een vissenkom en schreef “Welkom terug gekke Gerrie” erboven. En legde ik een stapel boterhammen met pindakaas neer. Alvast gesmeerd. Met boter. Want dat vond ie lekker. Hij moest huilen.. en hij zei “Jullie zijn altijd zo lief voor mij…” Daar op het cellencomplex leerde ik ontzettend veel over mensen. Onder collega’s niet de meeste geliefde werkplek, maar je leert er oprecht heel veel aan mensenkennis. Gerrie is inmiddels al jaren geleden overleden. Hij is verdronken toen hij dronken in de gracht piste en erin viel. Toen hij uit de gracht werd gevist lag hij er al een paar dagen in. Toen ik het hoorde moest ik bijna huilen.. Jep. Marshmallow heart!

Woeps, afgeleid. Terug naar actie Bert. De collega’s in burger zitten achter twee zakkenrollers aan op de Reguliers Dwarsstraat. Ze zien de zakkenrollers pogingen doen het gouden horloge van een jongen zijn pols te krijgen. Horloge rovers zijn er in twee categorieën. Met (veel) geweld of met een trucje (zie eerdere blogs, boven in deze blog gelinkt). De jongen is zichtbaar onder invloed van vermoedelijk alles wat hij maar vinden kon aan drugs en alcohol. Sander en ik wachten honderd meter verder af.
We willen natuurlijk de burger actie niet ‘stuk’ maken zoals dat heet. Als we erbij worden gevraagd zijn de horlogedieven al in de boeien geslagen. Het probleem ligt bij het Amerikaanse slachtoffer. Die is zo van het padje af dat hij verkondigd dat het hem geen fuck kan schelen dat zijn horloge gejat is en de zakkenrollers zijn aangehouden: Hij wil alleen maar slapen. Zijn vriend staat aan ‘onze’ kant en probeert hem te overtuigen. Ik verbaas me niet vaak meer over -laten we het netjes zeggen- toestand waarin men zich bevindt.. Maar dit wekte toch nog echt m’n verbazing. He-le-maal naar de gedver zoals ik het dan zeg.

Uit eindelijk eindigt deze situatie heel bizar:  We spreken met de vriend van de jongen af dat we langs hun hotel rijden voor het paspoort van het slachtoffer en dan naar het bureau, om de jongen te laten ontnuchteren en aangifte te laten doen. Ik zit achterin met de jongens. Het slachtoffer van de horlogediefstal krijgt een hele berg aan whatsappjes van zijn vriendin of vrouw. Hij geeft er niets om. Ookal zijn de berichten allemaal gelijkend op “Please, I am worried, please answer me. Call me back”

Ontzettend dronken / onder invloed van vanalles is het ideale slachtoffer voor zakkenrollerij. Tegen de tijd dat ze erachter komen dat ze hun telefoon/horloge/portemonnee/alle drie missen zijn de zakkenrollers vermoedelijk al laaaang weg. (en door naar de volgende)
Wij waarschuwen toeristen vaak, niet alleen is het verboden om helemaal lam te zijn op de openbare weg, het is vooral een groot risico op gerold of beroofd te worden. “Please take your drunk friend home” is dan ook écht geen slecht advies.

Terug naar de van zijn horloge gerolde toerist. Zijn vriend stapt onze bus uit bij hun hotel. Ongeveer een halve minuut later wordt het slachtoffer ineens ontzettend agressief. Ik moet geweld gebruiken en een soort van mislukte rugbyworp om hem op de grond te krijgen. Sander springt achter het stuur vandaan en rent om de bus heen naar mij toe. Samen weten we hem buiten de bus op de stoep met veel moeite in de boeien te proppen. 


Op de bijrijdersstoel in de bus zit Jane -mijn vriendin uit New York- met grote ogen te kijken. “I am shocked. How did he got so agressive?”  Aan het begin van de avond vroeg ze nog of we vaak problemen hadden met Amerikanen. Ik vertelde haar vol overtuiging dat het veel vaker de Engelse toeristen zijn. Daar hebben we even om gelachen gezien dit toch echt een Amerikaan was en hij kwam nog uit New York ook. Het agressief geworden slachtoffer zit inmiddels in de boeien. Hij blijft agressief, ik doe hem in de gordel. Met zijn handen in de boeien en de woorden “I am gonna fuck your whole family. I hate you!” maakt hij de gordel los. Ik moet hem tig keer op zijn plaats duwen en blijf hem zeggen dat zijn horloge gestolen is en we hem alleen willen helpen. “I don’t give a shit about the watch, you keep it. I got it from my cousin. I hate him. Fuck this and let me go. I want to sleep. Fuck you! Die! I hate you!”  Hij is onophoudelijk aan het schelden tegen mij en Sander en noemt Jane uit eindelijk nog “Asian cunt” ook niet heel vriendelijk.
Op het bureau is hij een beetje gekalmeerd. En de drugs lijkt ineens andere effecten te hebben:
Hij doet een namasté groet naar iedereen die hij tegenkomt. Om de ironie nog groter te maken: Er is alleen nog plaats in het dagverblijf (grote cel voor meerdere personen) naast de jongens die zijn horloge van hem gejat hebben. En ook naar hen maakt hij een namasté groet door het doorzichtige raam heen. Oh the irony, want in India en een boel Aziatische landen doe je die groet, en dat betekent dan iets in de richting van “Ik buig voor jou” en toont het respect…

Op straat en over de portofoon blijft het druk. De ene na de andere boef wordt in de handboeien binnengebracht. Team Bert op volle kracht!
De hulp Officier van Justitie is Misha, hij loopt heen en weer door het gangetje die met echt naambordje is vernoemd naar Bert. Dat naambordje is een prachtig eerbetoon!
Maar hoe drukker hoe leuker hij het vind dus hij gaat lachend én systematisch te werk om iedere aanhouding te toetsen.
Overal liggen wikkels en ziplockzakjes met (nep)drugs, verbalen, waardezakken, pennen, zakjes chips, blikjes Red Bull en zitten collega’s driftig te tikken. Ondertussen zingt er iemand mee met muziek en staat er een nieuwe arrestant boos te schreeuwen in het voorgeleidingshok. Rachèl loopt erlangs en trekt alleen een wenkbrauw omhoog.
Als je niet van chaos en drukte houdt word je denk ik helemaal gestoord bij ons op het bureau en zeker met weekend nachtdiensten.

Er komen ook -zoals wij ze noemen- aanhoudingen van honderdvierentachtig-ers binnen. Als je je niet houdt aan je verbod dat je niet in het gebied mag komen is artikel 184 (klik hier) het artikel wat je overtreedt. Jammer jongens maar ons Team Bert is ijzersterk in het onthouden van jullie boevenkoppen, en jullie mogen niet in ons gebied komen! 

Sander en ik staan op de Warmoesstraat bij een man die denkt dat zijn arm is gebroken. Ik schat het in als een situatie waarin de man zelf naar het ziekenhuis moet gaan. Sander heeft zijn portofoon op het kanaal van de meldkamer en geeft ineens een schreeuw “Assistentie collega Molensteeg Liek!!”  KUT. Ik roep in drie talen door elkaar naar de man dat ik ECHT weg moet en hij zelf naar het ziekenhuis moet gaan. Al rennend naar de bus. Met gierende banden en zwaailicht en sirene racen we naar de Molensteeg. Ik vloek op alles wat niet snel genoeg uit de weg gaat. En op zaterdag nacht is dat veel.. Ondertussen ben ik co-piloot (om het zo te noemen) voor Sander
“Rechts is vrij!”
“Ja, kom maar!”
“Die fietser rechts ziet je niet!”
“Blinde vink op rechts!” 

We staan stil, te wachten voor de verzinkbare paaltjes in de Lange Niezel. Elke seconde duurt te lang. Er zijn collega’s in nood. Assistentie collega is het heftigste wat je kan horen over de portofoon. We gebruiken dat alleen als je met VEEL spoed extra collega’s nodig hebt. En alle situaties waarbij dat is zijn gewoonweg klote. Het multitasken gaat me goed af. Ik kan schelden op van alles wat niet snel genoeg uit de weg gaat, de portofoon uitluisteren en ondertussen als hoofd taak Sander co-piloten door de drukte heen.

Ik weet niet of de collega’s het goed vinden als ik schrijf over het incident daar dus dat doe ik niet. Maar uit eindelijk kwam gelukkig alles goed en had de verdachte, een dealer, een flinke dosis pepperpray in zijn ogen. Moet je maar meewerken aan je aanhouding! Ook collega’s waren ‘besmet’ met pepperspray. Het bureau veranderde in een water ballet. Maar gelukkig kunnen de collega’s al snel weer lachen. (door de pepperspraytranen heen, dat dan weer wel..)
Aan het einde van de nacht is ons agressief geworden slachtoffer nog steeds niet moe en is hij er van overtuigd dat hij op het vliegveld is….
In Southpark zou Mr Macky zeggen: “Don’t do drugs.. Mmkaaayy”
Ik kan het niet laten om die grap nog even te maken. He-le-maal naar de gedver is die man. Ik verbaas me er nog even over.
En dan hoor ik van Rachèl dat het horloge maar 80 euro waard is.
Haha! Slechte vangst voor de horloge dieven én ze zijn nog gepakt ook. Rachél en Thijs organiseren actie Bert (altijd strak georganiseerd!), en Thijs vertelt me dat het slachtoffer van de zakkenrollerij, die zo agressief geworden was naar ons toen hij eindelijk was ontnuchterd zijn excuses heeft aangeboden voor zijn gedrag en toch wel heel graag aangifte wilde doen van zijn horloge.
(Dan heeft hij nog mazzel dat Sander en ik hem het geweld en de beledigingen niet ten laste hebben gelegd. We vonden het toch stom voelen omdat het allemaal begon met dat hij slachtoffer was. Maar als we het strikt hadden bekeken was hij niet weggekomen met alleen het doen van aangifte van zijn horloge)
Ook begreep ik waarom hij zijn telefoon niet opnam, hij was namelijk niet alleen helemaal van het padje af door de drugs maar ook in de Reguliersdwarsstraat een intens feestje aan het vieren. Een homofeestje. Niets mis mee natuurlijk alleen wist vrouwlief thuis daar vermoedelijk niets vanaf….

Ik vraag Rachèl en Thijs (die organiseren actie Bert) even kort wat te zeggen over de actie.
Thijs vindt het prachtig om het vuur te zien bij collega’s, echt aan het slepen met verdachtes, dat heilige vuur zoals we dat met Bert ook voelden. Dat de dealers Team Bert inmiddels kennen en het team ook echt verschil maakt!  De dealers gaan er massaal vandoor als er weer actie dagen zijn. Het maakt Thijs trots, dat dit keer op keer met collega’s wordt neergezet die bijvoorbeeld vrijwillig hun vrije weekend omzetten in nachtdiensten om mee te doen aan actie Bert. Ook vindt Thijs het mooi om de collega’s te zien groeien in hun rol. (burgerwerk is écht een vak apart)

Rachèl noemt “Bloed zweet en tranen” van een van mijn lieveling Amsterdammers erbij. Die komen elke actie Bert weer terug. Bij de collega’s én de boeven overigens. Tranen van het lachen noemt ze gelukkig ook. En ook van de pepperspray (niet alleen bij de boeven haha)

Het was weer een mooie actie Bert. Hoe zo’n chaos, zo georganiseerd kan zijn. Ik vind het knap, het verveelt nooit en ik geniet ervan. En weet zeker dat Bert met een grote grijns mee kijkt.